Osteoporose of Artrose?

Artrose en osteoporose worden regelmatig door elkaar gehaald. Onterecht. Het is wel heel wat anders. Artrose heeft met uw gewrichten te maken. Osteoporose met uw botten.

Artrose is een aandoening van het kraakbeen. Je vindt het aan de uiteinden van de botten op de gewrichten. Het voor een vloeiend verloop van de dagelijkse bewegingen. Bij artrose levert kraakbeen in aan kwaliteit. Dat is een langzaam proces. De gevolgen van artrose kunnen zijn: pijn, startstijfheid, zwelling van het gewricht en functieverlies.

De behandeling kan bestaan uit fysiotherapie, pijnmedicatie en soms operatief ingrijpen (nieuwe heup/knie). Een essentieel onderdeel is bewegen. Niet hard sporten, maar goede en verantwoorde bewegingen van uw artrotische gewricht. Dat lijkt vreemd omdat sommige bewegingen mogelijk stijf verlopen of zelfs pijnlijk zijn. Ondanks deze problemen zorgt bewegen aantoonbaar voor een zo goed mogelijke kwaliteit van het kraakbeen. Nogmaals u moet niet overbelasten, maar zeker niet stil zitten. Rust roest!

 

Osteoporose of botontkalking ontstaat meestal door snelle afbraak en vertraagde opbouw van bot. Inmiddels hebben 800.000 mensen van 50 jaar of ouder osteoporose en dat aantal neemt toe. Osteoporose komt bij 1 op de 3 vrouwen voor en bij 1 op de 7 mannen. Er spelen vele factoren een rol bij het ontstaan. Het is een ingewikkeld samenspel van voeding, hormonen, erfelijkheid en beweging. De symptomen kunnen zijn; pijn, spontane botbreuken en bewegingsbeperkingen.

Specifiek voor sterke botten is bewegen met gewicht (zwaartekracht). De druk op botten zorgt ervoor dat botten sterker blijven. Zwemmen bij osteoporose is dus minder goed dan wandelen. De laatste wetenschappelijke onderzoeken tonen de voordelen van krachttraining aan.

Er komt steeds meer bewijs dat bewegen het beste medicijn is tegen gewrichts- en botproblemen. Maar verantwoord bewegen is daarbij wel van belang. Vraag ons gerust wat in uw situatie de beste beweegoplossing is.

 

Bron: www.mtcfysiotherapie.nl

Sporten met warm weer

Luchtige kleding

Draag ook tijdens het sporten in de hitte, kleding gemaakt om in te sporten. Katoenen kleding absorbeert het vocht, maar het gaat niet meer weg. Zorg daarnaast dat je geen donkere kleuren draagt, die nemen juist warmte op. Lichte kleuren weerkaatsen de zonnestralen en worden daardoor minder warm.

Gebruik zonnebrandcrème
Smeer je altijd in met een waterproofzonnebrandcrème. Wist je trouwens dat er speciale sportzonnebrand is? Water- en zweetbestendig en een perfecte bescherming voor die hete zonnestralen. Sport ’s ochtends of ‘s avonds. Het klinkt logisch maar doe het ook: sport vroeg in de ochtend of later in de avond. Dan is het een stuk minder warm.

Lager tempo
Sport in een lager tempo dan je gewend bent. Vaak zal je lichaam ook aangeven dat het niet anders kan. Krijg je last van erge spierkrampen of overmatig zweten dan is het aan te raden te stoppen. Ga je toch door dan bestaat de kans op oververhitting of een zonnesteek.

 

Koele plekken
Sporten in de schaduw is natuurlijk het beste. Veel schaduw vind je onder de bomen in bijvoorbeeld het bos of het park. Vermijd warm asfalt want daar komt veel warmte vanaf. Drink voldoende. Drink vooral water in plaats van sportdrankjes. Sportdrankjes bevatten veel calorieën en koolhydraten en zijn vooral effectief als je langer dan anderhalf uur zeer intensief sport. Drink ongeveer een uur voordat je gaat sporten 1 of 2 glazen water en drink tijdens het sporten ieder kwartier een half tot 1 glas water. Na het sporten moet je ook voldoende drinken, maar meer dan een liter per uur is overbodig omdat je lichaam dit niet opneemt.

 

Bron; www.telegraaf.nl

Voorkom wielren blessures

Je kunt er niet meer omheen: het wielerseizoen draait op volle toeren. Wielren je ook? Let dan goed op.

Wielrennen is een duursport bij uitstek, die vaak zeer zware eisen stelt aan de beoefenaar. Bovendien heeft in de laatste decennia de commercie zich van het topwielrennen meester gemaakt waardoor met het stijgen van de amusementswaarde de zwaarte nog verder is toegenomen.

Naast zeer interessante materiaaltechnische ontwikkelingen zien we in de loop van de jaren ook een sportspecifiek begeleidingspatroon ontstaan, niet alleen op trainingsgebied maar ook op het terrein van de sportmedische zorg. Bij veel wedstrijdfietsers bestaat een grote behoefte aan gerichte adviezen en begeleiding.

Het blessurerisico in het algemeen is bij wielrennen klein. De kans om op een Spoedeisende Hulp-afdeling (SEH) terecht te komen is eveneens klein, maar de kans dat het in dat geval om een ernstige blessure gaat is vrij groot: 17 procent van de wielrenners die op de SEH-afdeling terechtkomen wordt acuut opgenomen. Van SEH-bezoekers met een sportblessure wordt in het algemeen slechts vijf procent opgenomen in het ziekenhuis. Blessures opgelopen tijdens wielrennen SEH-behandelingen: 1.800 Ziekenhuisopnamen na SEH-behandelingen: 310

Hoe ontstaan wielrenblessures?
In de meeste gevallen (90%) wordt de blessure veroorzaakt door een val van de fiets en in een klein deel van de gevallen (7%) doordat een wielrenner ergens tegenaan botst of geraakt wordt.

Wat zijn typische wielrenblessures?
De meest voorkomende blessures zijn blessures aan de armen (50%). Daarbij gaat het vaak om fracturen aan sleutelbeen of schouder (15%) of om luxaties van AC-gewricht of schouder (6%).

Hoofdletsel is een probleem dat ondanks helmgebruik nog betrekkelijk veel (22%) voorkomt.

Eén procent van de wielrenners op een SEH-afdeling heeft ernstig schedel- of hersenletsel opgelopen.

De meerderheid van de wielrenners die op een SEH-afdeling behandeld worden is man (87%). Vaak zijn twee derde van de slachtoffers 35 jaar of ouder.

 

Bron: https://www.mtcfysiotherapie.nl//action/news/item/1958/voorkom-wielrenblessures/ 

Waarom iedere 40 plusser krachttraining zou moeten doen

arnoldIedereen weet dat bewegen goed is, maar dat juist de combinatie bewegen en krachttraining het beste werkt is minder bekend. Het idee is dat door krachttraining groeihormoon wordt gestimuleerd. Dat groeihormoon bevordert celherstel.

Door veroudering, vaak gecombineerd met minder bewegen, ontstaat vaak verlies aan spierkracht en spiermassa. Juist met krachttraining wordt dit verlies tegen gegaan. Maar er zijn veel meer voordelen. Zo wordt de aanmaak van botcellen verbeterd. Belangrijk in de strijd tegen botontkalking (osteoporose). Ook de suikeropname wordt beter. Dat is gunstig voor diabetespatiënten. En recent onderzoek toont de voordelen van krachttraining op Alzheimer. Er is wel een belangrijke maar…

Krachttraining kan bij een slechte uitvoering negatief werken. Ook bij problemen met bewegen door gewrichtsbeperkingen, artrose of met bijvoorbeeld hartproblemen vraagt krachttraining een evenwichtige balans en betrouwbare deskundige begeleiding.

De fysiotherapeut is als specialist in bewegen uw betrouwbare adres. De combinatie bewegen en kracht werkt altijd en voor iedereen. En voor elke leeftijd. Zelfs 100 jarigen kunnen nog vooruitgang boeken.

Bron: www.mtcfysiotherapie.nl

Sporten in de kou

kouBij koud weer bent u misschien geneigd om niet of minder buiten te gaan sporten. Maar met de juiste voorzorgsmaatregelen kunt u ook in de herfst en winter gewoon doorgaan met buiten sporten.

1. Zoek ongelukken niet op. Als het echt te hard gevroren heeft en glad is, sla dan een training over.

2. Raadpleeg voor de zekerheid eerst de weersverwachting voordat u op een winterse dag naar buiten gaat om te sporten.

3. Smeer bij ijzige kou onbedekte lichaamsdelen in. Vaseline doet bij koude wind wonderen. Vergeet ook uw lippen niet in te smeren.

4. Sporters met een chronische ziekte of een slechte conditie hebben een verhoogd risico op koudeletsel. Maar iedere sporter heeft hier kans op.

5. Neem kou op in uw trainingsprogramma. U creëert geen tolerantie tegen kou, maar u doet ervaring op in hoe u ermee omgaat. Zorg voor vaste herstelmomenten om op temperatuur te komen.

6. Zorg voor minimaal drie lagen in uw kleding tegen kou. De eerste twee lagen dienen ter isolatie, de derde houdt het weer buiten en kan vocht afvoeren. Deze laag gebruikt u alleen bij pauzes of bij wind of regen. Voorkom dat uw kleding verzadigd raakt met zweet en/of vocht.

7. In een koude omgeving verbruikt u meer energie. Te weinig koolhydraten is funest voor zowel uw warmtevoorziening als de training. Extra dranken en tussendoortjes kunnen een tekort voorkomen.

8. Zorg voor het sporten voor een goede warming up, waarbij uw spieren kunnen opwarmen en het lichaam went aan een intensievere activiteit.

9. Vergeet ook achteraf de cooling down niet om weer in een ‘normale’ modus te komen. Dit is belangrijk voor uw lichaam en verkleint de kans op blessures.

10. Beloon uzelf na de training. Niets zo lekker dan na buiten actief te zijn geweest, bij te komen voor de kachel met een lekkere kop warme drank.

Bron: Sportzorg.nl

Sporten houdt het brein jong

Mocht u nog een extra motivatie zoeken om in 2017 toch vaker de sportschoenen aan te trekken: sport houdt niet alleen uw lichaam, maar ook uw brein jong.

Ouderen die vaker aan sport doen, hebben 36% minder kans dat hun geheugen achteruitgaat, ze onthouden beter en reageren sneller dan diegene die nooit fysieke inspanningen doen. Dat sport ook je geheugen kan trainen, hebben de resultaten van een nieuwe studie aangetoond.

De studie werd gepubliceerd in ‘Medicine & Science in Sports & Exercise’ en onderzocht 6400 personen ouder dan 65 jaar gedurende drie jaar. De resultaten waren duidelijk: de personen die aan sport hadden gedaan, hadden duidelijk minder problemen met het geheugen dan diegene die stil hadden gezetten. Welk soort sport is van geen belang. Zelfs bewegen op een heel rustig tempo had al een gunstig effect.

De resultaten zijn nog maar eens het bewijs dat fysieke activiteit zeker gelinkt moet worden aan een betere gezondheid. Sport zorgt dat er meer bloed naar de hersenen wordt gepompt en dat stimuleert de groei van nieuwe bloedcellen. Sport vermindert ook de kans op diabetes en zwaarlijvigheid. Eerder werd al aangetoond in een studie dat sport het verouderen van het brein met tien jaar zou vertragen

(bron: www.nieuwsblad.be).

contracten 2017

Met wie hebben wij contracten afgesloten?
Wij hebben met elke zorgverzekeraar, behalve DSW, een contract voor 2017 gesloten. Eerder hebben we gemeld dat we ook geen contract wilden aangaan met De Friesland, maar hier zijn wij op terug gekomen, omdat u als patiënt dan te veel bij zou moeten betalen.

Met DSW zijn wij niet gestopt omdat zij als verzekeraar niet goed zouden zijn of omdat we op slechte voet met ze staan, maar simpel weg omdat dat 1 verzekeraar minder is aan wie wij verantwoording af moeten leggen. Het liefst zouden we met alle verzekeraars stoppen, maar dat is geen optie.

De keuze voor DSW hebben we gemaakt omdat zij nog steeds de normale prijs van fysiotherapie vergoeden en het dus voor jullie als eventueel verzekerden, geen negatief effect heeft behalve dat je de rekening eerst aan ons betaald en dan indient bij de verzekeraar. Het wordt dus nog steeds vergoed!

Uiteraard heeft dit geen effect op de zorg die wij leveren aan DSW verzekerden; wij zetten altijd ons beste beentje voor 😉

Niet aanvullend verzekerd of verzekerd bij DSW?
Dan vragen wij u vriendelijk om uw behandelingen voortaan via de pin bij ons af te rekenen. Uiteraard krijgt u dan nog steeds een rekening mee naar huis die u eventueel kunt indienen. Wij gaan liever uit van het goede van de mens en willen er op vertrouwen dat iedereen altijd netjes betaald, maar helaas zijn wij soms iets te goed van vertrouwen geweest, vandaar deze beslissing.

Wat kan ik als cliënt doen?

Bent u verzekerd bij een van de verzekeraars die de behandelindex hanteert? Wilt u nog steeds voldoende behandelingen vergoed krijgen zonder dat dit voor ons negatieve consequenties heeft? Dan kunt u een aantal dingen doen:

  • Uiteraard niks: u bent misschien wel ontzettend tevreden met uw verzekeraar en wilt of kunt niet over stappen. Dit respecteren wij. Op onze beurt vragen wij u om ook te respecteren dat wij in sommige gevallen genoodzaakt zijn de zorg stop te zetten vanwege deze index (als wij dit kunnen voorkomen, dan zullen we dat ook zeker doen).
  • U kunt natuurlijk overstappen naar een verzekeraar die niet zo’n index hanteert, dan is er niks aan de hand voor u als cliënt.
  • U kunt bij de verzekeraar die een index hanteert bijvoorbeeld een kleiner pakket nemen (bijvoorbeeld 9 behandelingen), zo betaald u minder maand premie, kunt u sparen voor eventuele extra behandelingen en hoeven wij u niet weg te sturen.
  • Welke keuze u ook maakt: u maakt ons erg blij door ook de petitie voor het stoppen van deze index te tekenen: http://stopdebehandelindex.nl/

Wat heeft dit voor gevolgen voor u als cliënt?

Dit heeft als gevolg dat wij als behandelaar niet meer mogen behandelen dan het landelijk gemiddelde. Wat dit precies is, is voor ons ook een raadsel, dat verschilt per verzekering. Heel zwart wit gesteld betekent dit dat wij gedwongen zijn een behandeling te stoppen als we op het gemiddelde aantal behandelingen zit, ongeacht of de behandeling wel of niet afgerond is en ongeacht het aantal behandelingen dat u in uw pakket ‘ingekocht’ heeft. Doen wij dit niet, dan krijgen wij een boete, minder hoge vergoeding voor een behandeling of kan zelfs ons contract worden gestopt.

Wij vinden dit bijzonder vervelend, omdat wij eigenlijk zo niet willen werken: wij willen u de zorg geven die u nodig heeft en verdiend en niet stoppen met een behandeling terwijl de klachten nog niet over zijn, alleen omdat de verzekeraar ons daartoe verplicht. Dit gaat helemaal tegen onze overtuigingen en gevoelens in.

Toch hebben wij ook geen keus: als wij geen contract tekenen, zou u als patiënt een flinke eigen bijdrage moeten betalen en daar zit u ook niet op te wachten.

De enige verzekeraar waarvoor dit niet geldt is DSW, daar geldt geen eigen bijdrage en daarom hebben wij ook besloten met deze verzekeraar geen contract aan te gaan. Daarover meer onder het kopje ‘contracten 2017’.

 

N.B.: wij zijn er ook voor dat de zorgkosten zo laag mogelijk zijn, wij zullen dan ook niet onnodig behandelen, wij behandelen alleen maar als het noodzakelijk is en wij vinden dat wij hier na onze studie, bijscholingen en ervaring wel deskundig genoeg in zijn geworden om dit zelf te beslissen.

De behandelindex heeft ook niets te maken met de kwaliteit van de zorgverlener, maar ook alles met de doelgroepen waarmee je werkt. En laten we niet vergeten: ieder mens is anders, elke klacht en zijn omstandigheden zijn anders. Daar valt geen standaard voor te maken.

Voor nog meer verduidelijking, kijk op:
https://www.zorgkaartnederland.nl/blog/behandelindex-voor-fysiotherapeuten-werkt-averechts